Cocaïnegolf in Moerdijk: 'Criminelen zoeken plekken met minder controle'
In dit artikel:
Moerdijk kreeg het afgelopen halfjaar te maken met bijna dertien ton aangetroffen cocaïne. Criminoloog Dirk Korf (UvA) noemt meerdere verklaringen voor waarom juist deze locatie zo vaak opduikt. Een mogelijkheid is wat hij “gecontroleerde doorvoer” noemt: politie en douane houden zendingen in de gaten en laten een container soms opzettelijk verder reizen om niet alleen de drugs, maar ook de hogere schakels in het netwerk te ontmaskeren.
Daarnaast kan Moerdijk bewust worden gebruikt als losplaats om ladingen verder te verspreiden: de drugs hoeven niet lokaal te worden geconsumeerd en worden vaak naar het buitenland doorgevoerd. Criminelen zoeken daarbij dekens zoals schijnbaar onschuldige bedrijven of opslagruimtes. Afleveringen variëren van klassieke verstopmethodes tussen handelsgoederen tot extreme voorbeelden, zoals een in 2024 geïmporteerde hijskraan waarin drie duizend kilo cocaïne werd ontdekt.
Korf wijst erop dat criminaliteit plekken kiest waar minder intensief gecontroleerd wordt; bij Moerdijk speelt de combinatie van water- en wegverbindingen en veel opslagcapaciteit in het voordeel van smokkelaars. Ook benadrukt hij dat de grote vondsten deels toeval kunnen zijn: de georganiseerde netwerken zijn omvangrijk, en nu extra actieve controles kunnen ertoe leiden dat juist nu veel ladingen worden onderschept. Ter verdieping is er een podcastaflevering over cocaïnevangsten in Brabant.