Lachende gezichten bij razzia's 'NSB'ers en Duitsers' in bijzondere film

zaterdag, 21 maart 2026 (10:07) - Omroep Brabant

In dit artikel:

In Waalre blijken oude thuisfilms van Bernard van Dooren (1908–1988) een verrassend beeld te geven van de bevrijding en de directe nasleep daarvan. Van Dooren, een sigarenfabrikantsklerk die zich ontwikkelde tot adjunct-directeur en fervent fotograaf en filmer, legde zijn dorp en gebeurtenissen rond 1944–1945 nauwgezet vast. Twintig van zijn opnamen zijn recent overgedragen aan het Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) en online gezet.

Een van de films toont de intocht van Engelse troepen op 18 september 1944: lange colonnes voertuigen die uitbundig door de straten worden ingehaald en door bewoners worden toegejuicht. De opvallendste beelden komen echter van het bevrijdingsfeest in 1945, waar verklede dorpelingen als Duitse SS'ers en NSB'ers een razzia naspelen. Ze dragen geweren, brengen de Hitlergroet en dringen schijnbaar gewelddadig huizen binnen — maar het hele schouwspel wordt door omstanders met gelach en spot ontvangen.

Het BHIC-woordvoerderschap plaatst zulke taferelen in context: kort na de bevrijding was het gebruikelijk om de bezetter en de NSB belachelijk te maken — soms in carnavaleske optochten of in toneelmatige heropvoeringen — als manier om het oorlogsleed te verwerken en de herwonnen vrijheid te vieren. Ook het impersoneren van figuren als Hitler, Mussert of Stalin kwam destijds vaker voor.

In de naspeling spelen NSB-burgemeester Reinhart Hendrik Schregardus en zijn handlanger Jan van de Meerakker (bekend als Jan Pap) een centrale rol. Dat is geen toeval: tijdens de bezetting voerden zij bevelen van de Duitsers uit en waren betrokken bij de intimidatie en vervolging van Joodse inwoners. Na de bevrijding vluchtten beiden; Jan Pap werd enkele weken later gearresteerd, Schregardus wist aanvankelijk te ontkomen maar werd uiteindelijk ook gepakt.

De films van Van Dooren geven niet alleen een visueel verslag van historische gebeurtenissen, ze illustreren ook hoe gemeenschappen direct na de oorlog omgingen met herinnering en trauma — deels via spot en theatrale verwerking.