Geen stemcomputer maar gewoon een potlood, fraude in Zeeland is de oorzaak
In dit artikel:
Op 7 maart 2006, tijdens de gemeenteraadsverkiezingen, ontstond in het kleine dorp Zeeland commotie rond ongebruikelijke voorkeursstemmen bij stembureau in zorgcentrum Compostella. Raadslid Guus te Meerman kreeg daar volgens de uitslag 181 voorkeursstemmen terwijl hij in andere stembureaus nauwelijks stemmen haalde. Sergio Boutkan, hoofdredacteur van het lokale weekblad Arena, bracht het voorval aan het licht en startte zelf een onderzoek.
Stemcomputers waren toen ingevoerd om het tellen te versnellen. Direct na de verkiezingsavond viel Boutkan het opvallende aantal stemmen voor Te Meerman op. Navraag bij medewerkers van het stembureau leverde aanwijzingen op: Te Meerman zou steeds bij de stemcomputer zijn gebleven en wilde de opstelling van het bureau veranderen. De TU Delft onderzocht de gebruikte stemcomputer maar vond geen technische fout.
Boutkan en collega's belden vervolgens ruim duizend mensen die in het zorgcentrum hadden gestemd en bereikten een steekproef van 42 procent. In die steekproef bleek vrijwel niemand te hebben gestemd op Te Meerman; slechts één respondent bevestigde dat. Op basis van die gegevens concludeerden ze dat de uitslag niet gerechtvaardigd was. Ondanks de vermeende fraude haalde Te Meerman uiteindelijk geen zetel; hij miste een plaats in de raad met acht stemmen. De politie begon een onderzoek en Te Meerman werd later veroordeeld voor verkiezingsfraude tot 180 uur werkstraf.
Volgens getuigen had Te Meerman stemmen in de machine opgespaard en pas later op zichzelf laten uitbrengen; er zouden ook meerdere gevallen zijn van mensen die zeiden dat zij hadden gestemd terwijl ze de handeling niet volledig hadden bevestigd. Het schandaal in Compostella werd een belangrijke katalysator voor de anti-stemcomputerlobby. Eind 2006 verbood de regering-Balkenende de stemcomputers in Nederland, waarmee de terugkeer naar papier en potlood werd bezegeld.