Hoe door schop en kruiwagen onze regio voorgoed veranderde

maandag, 13 juli 2026 (19:01) - Dtv Nieuws

In dit artikel:

De Zuid-Willemsvaart bestaat 200 jaar en werd tussen 1822 en 1826 in vier jaar tijd uitgegraven met schop en kruiwagen. Zo’n 6.000 tot 7.000 mannen, vrouwen en kinderen werkten mee aan het 123 kilometer lange kanaal, dat in opdracht van koning Willem I moest zorgen voor een betrouwbare vaarroute tussen het industriële zuiden en de handel in het noorden. Omdat de Maas te grillig was, koos men voor een recht kanaal met jaagpaden, waar schepen destijds nog door paarden of zelfs vrouwen werden voortgetrokken.

Het werk verliep in losse secties, waarbij een soort rondtrekkende werkkolonie van Den Bosch naar Maastricht trok. Arbeiders leefden in tenten en woonwagens, en de lonen waren laag: mannen kregen 40 cent per dag, vrouwen 25 cent en kinderen niets. Op 24 augustus 1826 opende Willem I de vaarweg officieel in Maastricht, met een feestelijk bal op zijn verjaardag. De kanaalroute overbrugt 40 meter hoogteverschil via 21 sluizen en is later verbreed en verdiept, zodat tegenwoordig op delen ook grotere schepen kunnen varen. Historicus Ad Hartjes vertelt hierover maandagavond in Dtv Vaart Mee op Dtv Nieuws.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside Oranje: Johan Derksen over treinreizen met zijn voetbalteam: 'Als je daar ging zitten, was je de lul'