Leren van de uitglijders van de buurman. Kan Oss bij de nieuwe Lievekamp Bossche fouten vermijden?
In dit artikel:
De gemeente Oss bereidt zich voor op de start van de nieuwbouw van theater De Lievekamp en centrum voor de kunsten Muzelinck, een omvangrijk project waarvoor eind dit jaar de eerste werkzaamheden gepland staan. De begroting staat op 74 miljoen euro. Wethouder financiën Frank den Brok erkent dat de gemeente zich stevig voorbereidt, maar waarschuwt dat garanties dat het binnen budget blijft niet gegeven kunnen worden: wereldwijde gebeurtenissen en marktontwikkelingen (zoals stijgende energieprijzen, inflatie en renteschommelingen) blijven onvoorspelbare risico’s.
De plannen begonnen in 2022 toen Oss het Haagse Zuiderstrandtheater voor één euro overnam; onderdelen daarvan liggen inmiddels in opslag in de polder, wat de gemeente maandelijks 10.000–15.000 euro kost zolang de bouw niet begint. De sloop van het deel waar de bibliotheek zat was aanvankelijk eind vorig jaar voorzien, maar is uitgesteld naar het derde kwartaal van 2026 omdat voorbereiding (onderzoek naar kabels, leidingen en tijdelijke gevelafsluiting omdat het theater in gebruik blijft) zorgvuldigheid vereist.
De aanleiding voor extra voorzichtigheid is het financiële debacle bij de buren in ’s‑Hertogenbosch: de nieuwbouw van Theater aan de Parade werd geraamd op 62 miljoen maar liep op naar 83 miljoen. Uit een rapport van de Bossche Rekenkamer kwamen fouten naar voren: te weinig gehoor geven aan externe kritiek en onvoldoende risicobeheersing. Oss heeft dat rapport opgevraagd en gebruikt als leerpunt. De stuurgroep rond De Lievekamp — met wethouders cultuur en financiën, ambtenaren en de directeur van De Lievekamp — vergadert elke drie à vier weken om planning en risico’s door te nemen. Daarnaast zijn externe adviseurs betrokken, onder andere adviesbureau Hevo en een toetsing door Berenschot, en houdt de gemeentelijke controller toezicht op risicomanagement.
Toch blijven meerdere specifieke risico’s van belang: de post onvoorzien in de begroting (ongeveer 5,5 miljoen) lijkt vergelijkbaar met wat in Den Bosch aanvankelijk was opgenomen; een ongunstige beslissing van de Belastingdienst over de BTW‑regeling kan de rekening met enkele miljoenen verhogen; en stijgende rente voordat de lening definitief wordt afgesloten kan de lasten op decennialange leningen flink verzwaren. Ook de complexiteit van de ruimtelijke inrichting speelt een rol: De Lievekamp maakt deel uit van een bredere gebiedsontwikkeling aan de Raadhuislaan, met gelijktijdige projecten zoals de verbouwing van een voormalig Rabobankgebouw tot appartementen en plannen voor een parkeergarage. Dat meerdere bouwactiviteiten tegelijk in een klein gebied plaatsvinden, vergroot de kans op onverwachte tegenvallers (bijvoorbeeld kabels/leidingen die moeten worden verlegd).
Politiek kreeg het dossier vorig jaar brede steun in de gemeenteraad; alle fracties stemden voor het raadsbesluit, hoewel SP, FVD en DDO probeerden een harde kostengrens van 74 miljoen vast te leggen. Volgens Den Brok was er weinig discussie over de fundamentele vraag of nieuwbouw noodzakelijk was; hij verdedigt dat nieuwbouw gerechtvaardigd is gezien de slechte staat van het bestaande theater (lekken, slechte isolatie, verouderde installaties).
De onafhankelijke Rekenkamer Oss volgt het dossier met belangstelling. Voorzitter Astrid van de Klift zegt dat vooronderzoek door de Rekenkamer mogelijk is — ook proactief — en dat de commissie in september, na installatie van de nieuwe raad, bij fracties polst of er zorgen leven. De gemeente overweegt bovendien een extra coördinatiegroep voor de gehele gebiedsontwikkeling om alle onderdelen beter op elkaar af te stemmen en financiële risico’s te beperken.
Kortom: Oss neemt lessen uit Den Bosch serieus en heeft extra deskundigheid en frequent toezicht ingepland, maar blijft kwetsbaar voor onvoorziene externe schokken, btw‑besluiten, renteontwikkelingen en gebiedsgebonden technische tegenvallers.