Lieke Kézér schrijft boek over Hongaarse grootvader: 'Hij kwam hier met de kindertrein en is nooit meer teruggegaan'
In dit artikel:
Lieke Kézér, in Engelen geboren en sinds vijftien jaar woonachtig in Megen, publiceert haar derde roman Karel, Károly — een psychologisch werk geïnspireerd op het leven van haar grootvader Károly. Als elfjarige werd hij in 1920 met een van de zogeheten kindertreinen uit Hongarije naar Nederland gehaald; ongeveer 30.000 kinderen kwamen destijds via het Rode Kruis hierheen vanwege armoede. Károly belandde op een boerenbedrijf in Vorstenbosch en vestigde zich later met zijn vrouw en veertien kinderen op een boerderij in Loosbroek. Tijdens de Tweede Wereldoorlog verborgen zij Joodse onderduikers; daarvoor is hij door Yad Vashem onderscheiden.
Kézér, die film- en televisiestudies deed en werkte bij TMF, MTV en Veronica Magazine, is tegenwoordig literair recensent voor Trouw. Eerder schreef ze De afwezigen (winnaar van de Debutantenprijs en de Bronzen Uil) en De Verloren berg. Ze begon aan Karel, Károly in 2020 nadat een column voor Trouw over Hongaarse literatuur leidde tot contact met een onderzoeker van de Universiteit van Amsterdam die zich bezighoudt met de kindertreinen. Met subsidie van het Geert Mak Fonds kon ze het boek verder uitwerken.
De roman combineert familiekroniek en fictie: veel details zijn niet doorverteld omdat haar opa weigerde over zijn Hongaarse achtergrond te spreken, dus Kézér vult lacunes creatief in. Centraal staan thema’s als verlies, ontheemding en het verlangen naar verbondenheid. Ze reflecteert ook persoonlijk: als moeder van een tweeling vroeg ze zich vaak af hoe je kinderen zou kunnen laten vertrekken terwijl je niet weet waar ze terechtkomen. Kézér benadrukt dat de kindertreinen goedbedoeld waren — sommige kinderen fleurden op en keerden beter terug — maar dat er ook misstanden waren, zoals uitbuiting en misbruik.
Karel, Károly verschijnt op 21 april. Vrijdag zendt Dtv een uitgebreide reportage uit over het boek en de schrijfster. In Nederland leeft met dit boek een vergeten stukje Europese geschiedenis weer op, bekeken door de ogen van een kleindochter die familieverhalen wil reconstrueren en bewaren.