Brabant al drieënhalf jaar op stikstofslot en einde is nog niet in zicht
In dit artikel:
Brabant stopte op 1 maart 2023 als eerste provincie voorlopig met het verlenen van stikstofvergunningen. Uit onderzoek bleek dat de beschermde Natura 2000-gebieden er zo slecht aan toe waren dat nieuwe vergunningen juridisch niet meer konden worden gegarandeerd. De stop geldt binnen 25 kilometer van deze gebieden en raakt daardoor vrijwel de hele provincie. Infrastructuur, landbouw, industrie, woningbouw en verduurzamingsprojecten kunnen alleen doorgaan als ze geen extra stikstof uitstoten.
De vergunningachterstand is sindsdien sterk gegroeid. In september 2026 wachten 1.713 aanvragen op behandeling, tegenover 365 in 2023. Ongeveer 95 procent komt van boeren. Het aantal afgehandelde aanvragen daalde van 286 in 2023 naar 69 in 2025. ASML vormde een uitzonderlijke uitzondering en kreeg wel een stikstofvergunning.
Stikstof domineert al jaren de Brabantse politiek. De coalitie van VVD, GroenLinks en PvdA, later aangevuld met SP, D66 en Lokaal Brabant, koos voor verdergaande maatregelen nadat BBB niet wilde instemmen met beleid dat de landbouw raakt. Nadat het kabinet onder landbouwminister Wiersma de eerder gereserveerde 24 miljard euro voor stikstof en landbouwtransitie schrapte, breidde Brabant zijn eigen aanpak uit. De provincie wil onder meer ongebruikte stikstofruimte intrekken, bemesting op provinciale grond beperken en boeren eerder verplichten verouderde stallen te verduurzamen.
De uitstoot daalt wel, maar onvoldoende. Brabant blijft daarom Den Haag om landelijke maatregelen en financiële steun vragen. Minister Van Essen presenteert inmiddels plannen om de uitstoot in 2035 met 42 tot 46 procent te verminderen, maar die lossen de vergunningcrisis niet snel op. Als vergunningverlening eind 2027 al kan worden hervat, dreigt bovendien een nieuw probleem: Brabant voldoet nog niet aan de Europese eisen voor schoon en voldoende water. Daardoor kan ook een vergunningstop voor lozingen ontstaan.
Vandaag Inside: Jort Kelder: 'PRO wil belastingen verhogen, terwijl de overheid zelf te veel geld uitgeeft!’