Na een wethouder uit Amsterdam krijgt Den Bosch nu een Zeeuw: 'Je moet vooral veel de hort op'

zaterdag, 2 mei 2026 (10:15) - Dtv Nieuws

In dit artikel:

D66 in ’s‑Hertogenbosch heeft na een open vacature buiten de gemeente gezocht en gevonden: Rutger Schonis (49) uit Middelburg wordt de nieuwe wethouder aan de zijde van lijsttrekker Mariève Craste. Schonis, oud-wethouder van Middelburg en voormalig Tweede Kamerlid, wil zich snel vestigen in Den Bosch omdat dagelijks 150 kilometer pendelen onhoudbaar is; hij houdt het huis in Middelburg aan maar begint direct met de zoektocht naar een appartement in de Brabantse stad. Zijn ervaring, Haagse netwerk en het ontbreken van lokale vetes ziet hij als pluspunten voor de zware, inhoudelijke functie.

De keuze voor iemand van buiten roept wisselende reacties op. Lokale partij Rosmalens Belang verzet zich principieel: volgens hen hoort een wethouder binding te hebben met het dorp of de gemeente en moet die kennis van praktische zaken en lokale cultuur direct aanwezig zijn. Fractievoorzitter Jochem Huibers en partijvoorzitter Felix van den Nieuwendijk benadrukken dat een wethouder vaak het boegbeeld van een lokale partij is en dat toegang tot inwoners en dorpsgevoel cruciaal blijft. Huibers erkent wel dat buitenstaanders zich goed kunnen inwerken als ze actief de straat op gaan.

Den Bosch heeft al eerder ervaring met ‘buitengewone’ wethouders. In 2015 verhuisde D66’er Eric Logister naar de stad; in 2023 werd Rick Vermin (GroenLinks) als stadsdeelbestuurder uit Amsterdam gehaald en pendelde hij veelvuldig zonder permanent te verhuizen. Vermin zag als voordeel dat een buitenstaander een frisse blik kan brengen, maar waarschuwt ook voor een te grote kloof tussen bestuur en burgers en pleit voor een beperkte inzet van buitenwethouders: maximaal twee in een college van zes, volgens hem.

Formeel bestaat sinds 2002 de mogelijkheid om wethouders te benoemen die niet in de eigen gemeente wonen, en gemeenteraden kunnen jaarlijks ontheffing verlenen van de verhuisverplichting. In de praktijk worden die ontheffingen veel gegeven, en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten wil de regels soepeler maken omdat de arbeidsmarkt voor lokaal bestuur steeds krapper wordt.

Schonis benadrukt dat hij niet zomaar in elke stad wethouder had willen worden; Den Bosch past volgens hem vanwege de ambities van de gemeente en de verwachte groei naar rond 200.000 inwoners. Hij wil snel betrokken raken bij inwoners en dossiers en rekent erop dat zijn ervaring en netwerk van meerwaarde zijn. Tegenstanders blijven echter wijzen op risico’s: een gebrek aan lokale binding kan een barrière vormen bij gevoelige dossiers en bij de dagelijkse bereikbaarheid voor bewoners. De discussie rondom Schonis illustreert de bredere spanning tussen de behoefte aan bestuurlijke kwaliteit en de wens van bewoners en lokale partijen voor herkenbare, gewortelde bestuurders.