Passagiers repatriëringsvluchten naar Eindhoven niet besmet met hantavirus
In dit artikel:
Bij aankomst op vliegbasis Eindhoven zijn bij 26 personen uitgenomen monsters afgenomen, meldt het RIVM. Het ging om evacuaties in de nacht van maandag op dinsdag; op een tweede repatriëringsvlucht zaten vooral bemanningsleden van het cruiseschip, waaronder een Nederlander, plus een arts en twee epidemiologen. Een derde vlucht, door Australië georganiseerd, bracht mensen uit Australië, Nieuw-Zeeland en het Verenigd Koninkrijk terug. De eerste repatriëringsvlucht landde zondag; ook die opvarenden testten negatief.
Alle geëvacueerden moeten direct zes weken in verplichte thuisquarantaine blijven. Volgens het RIVM geldt die maatregel ook voor Nederlandse passagiers ondanks negatieve tests omdat de incubatietijd — de periode tussen besmetting en het ontstaan van klachten — langere observatie vereist. Het Nederlandse cruiseschip, met ongeveer 150 mensen aan boord onderweg van Argentinië naar Kaapverdië, kreeg te maken met ziektegevallen die bleken veroorzaakt door het hantavirus. Drie patiënten — onder wie een Nederlands echtpaar en een Duitser — stierven; in totaal zijn zes anderen besmet, waaronder één Nederlander.
Het virus betreft de Andes-variant, die als de gevaarlijkste vorm wordt beschouwd. WHO en RIVM verwachten echter geen pandemie, omdat de kans op overdracht van mens op mens zeer klein is. Blijvende gezondheidsmonitoring en quarantaine zijn ingesteld om late symptomen tijdig op te merken en verdere verspreiding te voorkomen.