Rivaliteit tussen FC Den Bosch en ADO Den Haag: een conflict van decennia
In dit artikel:
FC Den Bosch en ADO Den Haag zijn dinsdagavond opnieuw in geweld ontaard tijdens hun bekerontmoeting, wat leidde tot chaos op de tribunes en een veldbestorming. De wedstrijd in het kader van de KNVB-beker begon om 18:45, maar werd in de 57ste minuut door scheidsrechter Marc Nagtegaal onderbroken nadat supporters van beide clubs met elkaar slaags raakten en enkele relschoppers van de thuisploeg het speelveld betraden. Burgemeester Jack Mikkers van Den Bosch, die al ontevreden was over de loting omdat duelletjes tussen deze clubs als risicowedstrijden gelden, besloot dat de wedstrijd pas hervat mocht worden nadat de ADO-aanhang het stadion had verlaten. Daardoor eindigde de confrontatie pas rond elf uur; na verlenging stond het 3-3 en ADO verloor uiteindelijk na strafschoppen. Het supportersgeweld bleef het belangrijkste nieuws.
De rivaliteit tussen beide clubs dateert uit de jaren tachtig, toen geweld onder voetbalsupporters in Nederland toenam. Incidenten uit die tijd — van vernielingen en bommen op het veld tot het in brand steken van de eretribune van het Zuiderpark in 1982 — legden de basis voor een blijvend vijandbeeld. Na de degradatie van ADO in 1983 ontstond er een zogenoemd hooliganvacuüm dat in Den Bosch een harde kern opleverde; confrontaties escaleerden opnieuw in 1986 en keerden later terug in 1997 en 2007.
Autoriteiten zijn inmiddels gewend maatregelen te nemen bij deze ontmoetingen; beperkingen voor uitfans zijn eerder toegepast. Bekerwedstrijden vormen extra veiligheidsuitdagingen omdat ze doordeweeks en ’s avonds gespeeld worden en minder makkelijk verplaatst kunnen worden. De precieze gevolgen van de laatste rellen zijn nog onduidelijk; een eventuele promotie van ADO zou volgens betrokken burgemeesters de organisatie van toekomstige ontmoetingen mogelijk eenvoudiger maken.