Vader doodt eigen baby, hoger beroep uitgesteld na emotionele ochtend
In dit artikel:
In het gerechtshof in Den Bosch is het beroepsproces rond de dood van een vier maanden oude baby uit Vught uitgesteld. De vader, de 27-jarige D. F. S., kreeg eerder tien jaar cel voor het doden van zijn dochter; het Openbaar Ministerie had in februari 2024 veertien jaar en tbs geëist, waarna zowel OM als verdachte in beroep gingen. Tijdens de zitting hield D. grotendeels zijn zwijgrecht in: hij weigerde aanvullende verklaringen, maar zijn raadsheren lasen wel eerdere uitspraken en bewijsmateriaal voor.
Het meisje overleed op 21 augustus 2022; aanvankelijk werd wiegendood vermoed, maar onderzoek wees op dodelijk aangebracht hersenletsel. Vijf dagen later werd de vader aangehouden. Forensisch onderzoek toonde naast recente ook oudere verwondingen; uit medische dossiers bleek dat ook hun zoon ernstige oude ribbreuken had en dat er eerder melding van mishandeling was gedaan. Uitgelegd bewijsmateriaal toont bovendien dat de vader zijn vrouw bedreigde en naar buiten toe een vriendelijke indruk wekte. In de zitting kwam naar voren dat D. dagelijks blowde en een strafrechtelijke voorgeschiedenis heeft.
De moeder hield een aangrijpende slachtofferverklaring: "Er is geen dag voorbij gegaan zonder verdriet en pijn," zei ze, en ze leeft al jaren met de vraag waarom haar dochter is weggegaan. Omdat de verdediging nu wil dat D. alsnog meewerkt aan politieverhoren en aan een psychiatrisch onderzoek in het Pieter Baan Centrum, besloten de raadsheren de zaak aan te houden. Door de wachtlijst bij het PBC kan het nog ruim een jaar duren voordat nabestaanden duidelijkheid en mogelijk enige afsluiting krijgen.