Voetbal gedijt het best op het platteland, met Bernheze voorop
In dit artikel:
In de nieuwe ‘voetbalkaart’ van de KNVB — gepresenteerd in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen — blijkt dat voetbal in Oost-Brabant vooral in landelijke gemeenten bloeit: Bernheze voert de provincie aan en staat nationaal in de top tien (slechts acht gemeenten scoren hoger). Binnen Bernheze vormen zes amateurclubs (HVCH, Avesteyn, Heeswijk, Sportclub Loosbroek, Prinses Irene en Vorstenbossche Boys) met samen 3.791 spelers ongeveer 11,5% van de bevolking. Ook Brabants succes komt terug bij Alphen-Chaam (plaats 5) en Reusel-De Mierden (7); Twente laat landelijk de sterkste veerkracht van dorpsvoetbal zien.
De KNVB telde vorig seizoen 815.698 wedstrijden en schat dat zo’n 10 miljoen mensen rond de velden actief zijn — van spelers en trainers tot vrijwilligers en familie. Tegelijkertijd zorgt groei voor knelpunten: bij een kwart van de verenigingen staan potentiële leden op een wachtlijst door gebrek aan vrijwilligers, velden en kleedkamers. Politieke aandacht daarvoor blijft volgens de columnist Henk Mees vaak achterwege; lokale politici richten zich liever op stedelijke cultuur, waardoor de lokale volkscultuur van het amateurvoetbal minder prioriteit krijgt en de kloof tussen stad en platteland mogelijk vergroot wordt.