Zeventig jaar TU/e: zo haalde Eindhoven de universiteit binnen
In dit artikel:
Alfons Bruekers, elektrotechnicus en al twintig jaar directeur bij de TU/e, blikt terug op de wortels van de universiteit nu het instituut haar zeventigjarig bestaan viert — en benadrukt dat de aanzet al tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gelegd. Toen Delft in bezet gebied gesloten was en Eindhoven bevrijd, richtte de overheid in Eindhoven een Tijdelijke Academie op om straks op te schalen voor de wederopbouw. Na de bevrijding ging Delft weer open en verdween de tijdelijke instelling, maar de ervaring had smaak gemaakt.
Regionale bedrijven, vooral DAF en Philips, zetten zich in voor een vaste technische opleiding in het zuiden omdat zij dringend jonge ingenieurs nodig hadden. Hun lobbywerk, gecombineerd met de economische concentratie rond Eindhoven en een groot terrein dicht bij het station dat de gemeente voor één gulden beschikbaar stelde, leidde ertoe dat de overheid in 1956 voor Eindhoven koos. Direct dat jaar begonnen de eerste lessen; aanvankelijk bestonden er drie faculteiten (elektrotechniek, scheikunde en werktuigbouwkunde), nu zijn dat er negen.
Samuel van Embden kreeg vroeg het ontwerp in handen en ontwierp een met overdekte loopbruggen verbonden campus om interactie tussen vakgebieden te bevorderen — een idee dat aanvankelijk controversieel en duur leek, maar tot op heden bepalend is voor de campusstructuur. In de begintijd was het onderwijs bijna uitsluitend mannelijk; plannen voor een aparte professorenwijk zijn nooit uitgevoerd. Sinds die vroege jaren heeft de TU/e ongeveer 65.000 afgestudeerden afgeleverd, een mix van historische noodzaak en regionaal bedrijfsbelang die de universiteit vormde.
Vandaag Inside Oranje: Johan Derksen over nieuwe richtlijnen voor vrouwelijke atleten: 'Alsof half Nederland dan zit te rukken'